Hoofdstuk 1 - Enkele begrippen

Bieden en spelen zijn de twee elementen van bridge. Bij het bieden wordt bepaald wat er gespeeld moet worden. Bieden komt later in Begin met Bridge aan bod. Bij het spelen ligt de nadruk op het maken van slagen. Dat bespreken we in de eerste hoofdstukken van Begin met Bridge. Maar voordat je het spelen gaat oefenen, zullen we eerst enkele begrippen moeten omschrijven. In het eerste hoofdstuk worden alle relevante begrippen behandeld en de puntentelling geïntroduceerd.

Oefenen in het maken van slagen zonder te bieden
Het te spelen contract wordt vastgesteld via een biedproces. In dit stadium beheers je het bieden nog niet. Om desondanks het spelen nu al te kunnen oefenen hebben we een eenvoudige procedure ontworpen om toch tot een contract te kunnen komen. De procedure omvat drie stappen. Na het bestuderen van het eerste hoofdstuk kan worden volstaan met stap 1. Zodra echter het spelen met troef behandeld is, moeten ook de stappen 2 en 3 worden toegepast.


Hoofdstuk 2 - Uitkomen tegen SA-contracten

In het vorige hoofdstuk zijn de spelregels bij bridge toegelicht. Nu je iets weet van hoe bridge gespeeld moet worden wordt er in het tweede hoofdstuk wat meer verteld over de strategie. Voorlopig beperken we ons daarbij tot spellen waarbij nog geen sprake is van troef. De speelsoort is dus sans atout.


Hoofdstuk 3 - Uitkomen tegen SA-contracten

Het spelen begint met de uitkomst. In dit hoofdstuk van Begin met Bridge zullen we afspraken maken over die uitkomsten. We behandelen hierbij het uitkomen tegen SA-contracten. In hoofdstuk 6 komen de uitkomsten tegen troefcontracten aan de beurt.


Hoofdstuk 4 - Snijden

In het vorige hoofdstuk zijn afspraken gemaakt over de uitkomsten. We gaan nu eerst eens bekijken hoe je daar als leider soms gebruik van kunt maken. Hierbij introduceren we een techniek die snijden wordt genoemd, waarmee je vaak extra slagen kunt maken.


Hoofdstuk 5 - Spelen met troef

Na drie hoofdstukken waarin je SA-spellen hebt geoefend is het nu tijd voor troef. Eerst laten we zien dat het hebben van veel hoge kaarten bij SA niet altijd een garantie is voor het maken van veel slagen. Daarna wordt uitgelegd wat we onder troef verstaan en hoe je daarmee omgaat.


Hoofdstuk 6 - Uitkomen tegen troefcontracten

In SA-contracten zijn alle kleuren gelijkwaardig. In troefcontracten is één kleur sterker dan de andere kleuren. Bij troefcontracten maken we daarom extra afspraken over het uitkomen.


Hoofdstuk 7 - Inleiding tot het bieden

Elk bridgespel begint met het bieden. In dit hoofdstuk bekijken we welke regels voor het bieden gelden. Ook bespreken we hoe de speelsoort tot stand komt, wie de leider is en hoe het aantal te maken slagen worden vastgesteld.


Hoofdstuk 8 - Het openingsbod van 1 in een kleur

Het biedverloop bepaalt het contract. Om goede contracten te bereiken zul je de betekenis van de verschillende biedingen moeten begrijpen. Nu gaan we afspraken maken over het allereerste bod.


Hoofdstuk 9 - Limietantwoorden op 1 in een kleur

Voorlopig nemen we aan dat slechts één paar iets te bieden heeft. Dit ongestoorde bieden begint met het openingsbod. Partners antwoord op dit bod wordt ook wel het bijbod genoemd. In dit hoofdstuk behandelen we een type bijbod waarmee je duidelijk kunt maken wat je bezit: het limietbod.


Hoofdstuk 10 - Overige antwoorden op 1 in een kleur

In het vorige hoofdstuk zijn de limietantwoorden op de opening van 1 in een kleur behandeld. Een limietantwoord is een verhoging van de openingskleur of een bod in SA. Nu bespreken we de niet gelimiteerde antwoorden. Een niet gelimiteerd antwoord is een bijbod in één van de andere drie kleuren.


Hoofdstuk 11 - De tweede biedronde

Na een openingsbod en het bijbod hoeft het bieden nog niet afgelopen te zijn. Vaak is een tweede biedronde nodig om het juiste contract vast te stellen. Over die herbieding van de openaar en van de bijbieder gaat dit hoofdstuk. Via de voorbeelden zullen we enkele vuistregels formuleren.


Hoofdstuk 12 - 1 SA en de limietantwoorden

We weten inmiddels dat de manche in SA op 3-niveau wordt bereikt. Bij kleurcontracten ligt de manche minstens een slag hoger. Daarom wordt bij het bieden veel aandacht besteed aan SA-contracten. De 1SA-opening kan daarbij een goed hulpmiddel zijn.


Hoofdstuk 13 - Jacoby transfers

In het voorgaande hoofdstukken is het bijbieden na een 1SA-opening behandeld. We zagen dat de bijbieder met een regelmatige kaartverdeling een limietbod in SA doet. We zagen ook dat met een lange lage kleur vaak een bod in SA wordt gedaan. In dit hoofdstuk bespreken we handen waarbij de lengte in een hoge kleur zit.


Hoofdstuk 14 - De Staymanconventie

Als leider en dummy beide een regelmatige kaartverdeling bezitten, dan is een SA-contract zeer voor de hand liggend. In hoofdstuk 12 hebben we daar enkele voorbeelden van gezien. Soms echter is het met regelmatige verdelingen beter om een kleurcontract te spelen.


Hoofdstuk 15 - Het volgbod

Tot nu toe zijn biedseries besproken waarbij door slechts één paar wordt geboden. In de praktijk zal het echter ook voorkomen dat beide paren iets bieden. Hoe dat in zijn werk gaat zal in dit hoofdstuk besproken worden.


Hoofdstuk 16 - Het informatiedoublet

In dit hoofdstuk zal een type hand worden behandeld waarmee we zouden willen openen omdat we voldoende honneurpunten hebben. Maar helaas heeft de tegenpartij al geopend. Het probleem is dat de hand niet geschikt is voor een volgbod.


Hoofdstuk 17 - Sterke openingen

Als je opent met 1 in een kleur, dan zal je partner een bijbod doen met 6 of meer honneurpunten. Met minder past hij. Soms echter krijg je zo'n sterke hand dat je de partner ook aan de praat wilt krijgen als hij minder dan zes punten bezit. Dat type hand wordt in dit hoofdstuk zeer beknopt behandeld.


Hoofdstuk 18 - Preëmptieve openingen

Je kent inmiddels de gewone openingen op 1-niveau en sterke openingen op 2-niveau. Daarnaast bestaan er ook openingen op 3-niveau of hoger. Dit type opening is vanwege de hoogte uiterst hinderlijk voor de tegenstanders. Deze zogenaamde preëmptieve opening is het onderwerp van dit hoofdstuk.


Hoofdstuk 19 - De puntentelling

Tot nu toe hebben we ons gericht op het maken van slagen. Daaraan heeft men echter een puntentelling gekoppeld. In wedstrijden gaat het juist om die punten. In dit hoofdstuk leggen we uit hoe de puntentelling in elkaar steekt.


Hoofdstuk 20 - Het spelen van parenwedstrijden

Bridge wordt gespeeld door vier personen aan één tafel en daarom kan dat heel goed in de huiselijke kring. Maar wie zijn krachten wil meten met andere paren komt bij bridgewedstrijden terecht. Daarvan kennen we drie soorten: individuele wedstrijden, parenwedstrijden en viertallenwedstrijden. De grootste populariteit geniet het spelen van parenwedstrijden.


Biedoverzicht

In de voorliggende hoofdstukken zijn de nodige biedafspraken besproken. Deze afspraken zijn steeds in overzichtelijke schema's weergegeven. Aan het einde van Begin met Bridge worden al deze schema's in één overzichtelijke allesomvattend schema samengevat. Een schema dat beginners bij zich op tafel kunnen leggen, als zij hun eerste oefenspellen spelen.